Over mij

Mijn foto
Gent, Oost-Vlaanderen, Belgium

vrijdag 13 juli 2012

TWEE DRINGENDE VANGACTIES GESLAAGD!



Nienke, de gekruiste Siamese kattin, is eindelijk binnen. Van zodra ze is opgemerkt is van alles geprobeerd om haar te pakken te krijgen, maar Nienke is van de zenuwachtige, slimme en snelle soort en daar is geen vangkooi tegen opgewassen.

Uiteindelijk heeft de vaste voederzetter van dienst, traag en zorgvuldig een vertrouwensrelatie met haar opgebouwd, tot ze zich liet aaien en zelfs tillen en met enige vingervliegensvlugheid is ze vanuit de armen rechtstreeks het transportbakje in geduwd.

Hoognodig want hoogzwanger!


Ook Ollie (Kruidtuin/Gent) is binnen. Helaas is dat een heel ander verhaal. Al anderhalf jaar lang zijn er tal van pogingen ondernomen om hem te vangen want het was van bij het begin duidelijk dat zijn ogen niet in orde waren. Dan dook hij hier weer op, dan weer dààr, daarna is hij een tijdlang opgemerkt door de conciërge van het TMVW-kantoor op de Stropkaai (waar hij in de tuin kwam eten) en dan was hij weer voor een tijdje verdwenen.

Toen de melding kwam van tuinman Olivier (naar wie Ollie genoemd is) dat hij Ollie had opgemerkt met slepend achterlijf, moest er qua vangacties- en methoden een tandje worden bijgestoken.

Niet dat het hielp. Ollie hield van alles en iedereen afstand en ging zwaargewond zijn tweede (buiten-)winter in…

Tot hij de voederplek aan de Ledeganckstraat ontdekte (vlak tegenover de Kruidtuin). En dat niet alleen – hij blééf er ook. Teken aan de wand dat het hem niet goed ging want Ollie is een ‘kilometervreter’, een straatloper, een zwerver.

Bijna anderhalve maand lang probeerde ik zoveel mogelijk op hetzelfde uur aan te komen op de voederplek, niet weg te gaan alvorens ik hem gezien had en telkens iets extra lekkers voor hem neer te zetten. Op den duur zat hij mooi te wachten op zijn smakelijke hapje en tot mijn grote verbazing (en blijdschap) kreeg ik één van de laatste dagen zelfs een kopje. Van kopjes geven kwam een aaike, nog meer aaikes en hup in het nekvel gegrepen en zo de transportbak binnen. Alwaar hij zo tekeer ging dat ik ervoor vreesde dat de deur het niet zou houden.

Per direct naar de dierenarts met hem, alwaar hem (en mij) een zeer pijnlijk verdict stond te wachten : Ollie had in beide ogen in hoge mate entropion, een zeer pijnlijke aandoening waarbij de oogleden naar binnen krullen en de wimpers voortdurend over de oogbol wrijven. Hier bovenop bleek hij met een gecompliceerde bekkenbreuk te kampen (met losse botdeeltjes die ‘rondzweefden’) en zijn staart was gebroken op een hoge plaats (voorbij de eerste wervel) waardoor die niet kon worden afgezet.

Hier viel niet tegenop te opereren – noch praktisch, noch financieel. Eén oog aan entropion opereren kost tussen de 200 à 300e (hangt er van af over welke lengte het ooglid is omgekruld), de bekkenbreuk kon enkel verholpen worden door platen en spillen te steken en de losse botdeeltjes zo goed en zo kwaad mogelijk te verwijderen. Volgens de dierenarts een moeilijke en langdurige operatie met een grote kans op complicaties. Over de prijs hiervan zullen we het maar niet hebben. En aan de staart was niets te doen. Amputeren zou een grote holte boven de anus gegeven hebben, met voortdurende kans op infecties.

Uiteindelijk werd in overleg met de dierenarts besloten om Ollie te laten inslapen.

Anderhalf jaar en twee natte en koude winters heeft hij buiten moeten (over-)leven. Overal werd hij opgejaagd. Nergens vond hij rust, nergens was hij welkom. Bij hevige regen en vrieskou schuilde hij in één van de serres van de Kruidtuin, waaruit hij telkens onmeedogenloos werd verdreven. Gezond of gewond, het kon niemand wat schelen. Enkel tuinman Olivier was met hem begaan en heeft gedaan wat hij kon om hem te helpen vangen..

Ollie had geen poezenvriendjes (hij was niet gecastreerd), maar hij had in elk geval één mensenmaatje. Hier was hij welkom geweest.

Het heeft niet mogen zijn.

Leven is lijden, wordt wel eens gezegd. Het fabeltje dat zwerfpoezen wel hun plan trekken, kan bij deze naar Fabeltjesland. Zwervers zijn totaal afhankelijk van mensen die hen elke dag eten en drinken willen geven, zorgen voor wat beschutting en hun gezondheid in de gaten houden. Vaak tegen de stroom in van betweters en onverschilligen.

Dag lieve Oliebol, een derde winter buiten is je in elk geval bespaard gebleven. Ik kom elke dag op de plaats waar je het laatst was, en vergeet je nooit!




Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen